‘Creatieve tunnelvisie’ voor fietsers

foto afkomstig van straatinfo.nl
Dit was de kop boven het artikel in de TCT van 25 januari over de fietsvisie die de maandag daarvoor door de gemeenteraad is vastgesteld. De kop is ontleend aan de CDA motie (unaniem aangenomen) om op een creatieve manier met de fietstunnels om te gaan en niet elke week de schoonmaakdienst moeten sturen om hinderlijke graffiti weg te halen. Dit heeft zijn nut al bewezen bijvoorbeeld aan de Lambertus Buddestraat, de Brammelerdwarsstraat (achter het ABN AMRO pand bij het station) en de tunnel onder station Drienerlo. De fietsvisie zet vooral de lijnen uit om sturing te geven aan de inzet van €8 miljoen tot 2020 ten behoeve van met name infrastructuur maar ook communicatie. Daarboven komt nog €1 miljoen voor de aanpak van achterstallig onderhoud in 2012.
Door wisselingen in taken binnen de fractie ben ik woordvoerder over het verkeers- en mobiliteitsbeleid en tijdens de behandeling van de fietsvisie heb ik met name benadrukt dat niet alleen ingezet moet worden op fysieke maatregelen maar juist ook naar gedragsbeinvloeding moet worden gekeken. Als gemeente kun je mensen niet dwingen om de fiets te gebruiken maar ze daartoe verleiden (en goede infrastructuur en prettige tunnels) dragen daar zeker aan bij. We waren er niet voor om de ambitie gesteld door het college (38%) te verhogen naar 40% simpelweg omdat dit tot meer uitgaven in de toekomst kan leiden als dit niet gehaald wordt. Dit betekent nog eens 5% extra groei, ik betwijfel of dat wel gehaald gaat worden. Verder voelden we er ook niets voor om te gaan experimenteren met extra voorrang voor fietsers in bepaalde situaties. In dit opzicht volgen we de prioritering die gesteld is in de mobiliteitsvisie. De proef die zal plaatsvinden zal ik dan ook kritisch volgen. Moties die wel op onze steun konden rekenen waren het aandacht geven aan de noord-zuid verbinding van en naar de campus en het voeren van gesprekken met pro-rail om tot een oplossing te komen voor de fietsverbinding over de Euregioweg.
De wethouder (en zijn eventuele opvolger(s)) is een grotere uitdaging gesteld dan hij aan wilde gaan maar als bron voor beleid biedt de fietsvisie genoeg houvast.
Jaar van de waarheid voor Enschedese zwembaden
In decemeber was in de krant te lezen dat de tekorten bij de NV Enschedese Zwembaden niet zijn weggewerkt en dat voor 2012 maatregelen nodig waren. Het college heeft besloten om een manager aan te stellen die nogmaals de bedrijfsvoering en exploitatie onder de loep zal nemen om tot verbeteringen te komen. Verder zullen de prijzen, die de afgelopen twee jaar gelijk zijn gebleven ondanks dat kosten zijn gestegen, met de inflatievoet geïndexeerd worden en gaat een speciaal aangestelde commissaris toezicht houden om juist de gemeentelijke belangen goed in de gaten te houden.
Deze maatregelen waren voor mij aanleiding om in de eerste vergadering van de Raad in de stedelijke commissie van 9 januari vragen te stellen aan het college. Waar het voor mij met name knelt is dat een nieuwe reorganisatie tot onrust kan gaan leiden en dat een prijsverhoging niet noodzakelijkerwijs zal leiden tot omzetverhoging. Voor het eerste is een heldere opdracht nodig voor de verandermanager die ook draagvlak kan vinden onder directie en personeel, wat betreft het omzet-kosten aspect zijn meer economische kengetallen nodig (zoals de prijs-elasticiteit) die op dit moment niet voorhanden waren. Op beide punten zegde de wethouder toe om dit in de opdracht en evaluatie daarvan (verwacht in het najaar) dit mee te nemen. Er zal dan een betere basis zijn om toekomstige beslissingen te nemen en als raadslid zijnde kan ik dan ook beter mijn controlerende taak vervullen.
Vandaag verscheen een artikel in de Twentse Courant Tubantia waarin een somber beeld van zwembaden in Oost Nederland geschetst wordt, dit zou wel eens het jaar van de waarheid voor de Enschedese zwembaden kunnen worden: kunnen ze zelf de broek omhoog houden en welke keuzes moeten er gemaakt worden als dat niet gebeurd.
Kerstviering geeft hoop
Een man vroeg Mor Philoxenos Dolabani in 1965: “Is dit het einde van de Syrisch Orthodox Kerk omdat de gelovigen hun identiteit en religieuze tradities zullen vergeten als ze Turkije ontvluchten?” De bisschop antwoordde: “Het einde van onze kerk zal niet komen mijn zoon. Als de zon voor de Syrisch Orthodoxen in Turkije ondergaat, zal deze ergens anders in de wereld weer opkomen. De gezonde wortel is er en zal er altijd zijn, ook al wordt de boom zelf drastisch omgehakt. Altijd en altijd weer zal de boom weer bloesem dragen, omdat de wortel onbeschadigd is.” (C. Chaillot, 1998)
Kerken kennen veel problemen in deze tijden, met name terugtredende bezoekersaantallen en weinig betrokkenheid van jongere generaties spelen parten. De Syrisch Orthodoxe Kerk is daarin geen uitzondering. De oudere generatie domineert de besturen, er gaat weinig vernieuwing vanuit de kerkleiding uit, en de gemeenschap lijkt telkens negatiever te kijken naar de toekomst. Soms vraag ik me inderdaad net als de man uit 1965 af of we de kerkelijke tradities en onze religieuze identiteit niet aan het verliezen zijn. Maar gelukkig put ik hoop uit het antwoord van de bisschop, overigens een van de grootste geleerden uit het middenoosten in de vorige eeuw. Gisteren (17 december) kreeg ik weer een dosis hoop geinjecteerd: in het klooster van St Ephrem de Syriër te Glane vond voor de tweede keer op rij de diocese kerstviering georganiseerd door het Syrisch Orthodox Jongeren Platform (SOJP) plaats. Waar vorig jaar sneeuwval roet in het eten gooide was daar dit jaar geen sprake van. De kathedraal was afgeladen en de meer dan 50 jongeren die uren lang vergaderd, geoefend en voorbereid hebben trokken de schatkist van de Syrisch Orthodoxe kerk open. De ceremoniemeester leidde in door te stellen dat we “meer dan 2000 jaar terug zouden gaan in de tijd om het kerstverhaal opnieuw te beleven.” Door korte toneelopvoeringen afgewisseld met hymnen en begeleidende muziek werden de aanwezigen inderdaad weer meegevoerd.
In zijn slotwoord richtte de ceremoniemeester zich ook tot de parochies: “Het wordt tijd dat binnen elke kerk een jongerencomité wordt opgericht om activiteiten te organiseren.” Woorden die mij uit het hart gegrepen zijn en me weer energie gaven om werk te maken van het organiseren van een jongerenbeweging in onze eigen kerk. Mijn dank gaat uit naar het SOJP, en tegen alle jongeren wil ik zeggen: put hoop uit het kerstverhaal en laat je door niets ontmoedigen. De wortel is nog inderdaad sterk en de boom is nog zeker niet omgehakt, maar we moeten er wel zorg voor dragen en als we dat met z’n allen doen zal deze vrucht dragen, dat heeft ze in alle bange dagen van de kerk gedaan en dat zal ze blijven doen.
Leestip: C. Chaillot, The Syrian Orthodox Church of Antioch, a brief introduction, Geneva 1998
De slothymne: Yonesko shafiro (‘de mooie zuigeling’)
Wijkbudgetten: Power to the people
Weigerambtenaar mag volgens het genootschap Onze Taal het woord van het jaar zijn, voor Enschede is dat denk ik het begrip ‘wijkbudgetten’. In 2011 heeft het beleid vorm gekregen en 2012 wordt het jaar waarin we gaan merken hoe deze nieuwe vorm van investeren in wijken uit zal pakken. De gedachte er achter is eigenlijk heel simpel: geef de beslissings en financieringsbevoegdheid aan wijken, buurten en dorpen zelf daar waar ze zelf, beter dan de overheid, kunnen bepalen wat goed is voor de wijk. Iemand twitterde het mij laatst nog: “voornaamste bij #wijkbudgetten is gewoon ‘give power to the people back’”. En dat is ook precies wat het CDA Enschede wil, meer betrokkenheid van inwoners bij hun eigen omgeving en ook daadwerkelijke invloed daar op. En niet meer in de vorm van projecten maar structureel zodat er ook echt iets kan groeien en toekomstbestendig is.
De wijkbudgetten lijken wel een beetje op de Buurt in Actie potjes maar de grootste verschillen zijn dat het nu om meer geld gaat, het voor alle wijken en dorpen beschikbaar is en structureel voor meerdere jaren budgetten aangemerkt zijn. Inwoners krijgen nu echt wat te zeggen over een deel van het geld dat beschikbaar is. Dit brengt vrijheid, maar ook verantwoordelijkheid met zich mee. In verschillende stadsdelen staan de wijkbudgetten dan ook hoog op de agenda. Stadsdeelgewijs wordt er door stadsdeelmanagement met de wijk en dorpsraden gewerkt om de nieuwe vorm van werken in te voeren. Het is nieuw en er wordt wat gevraagd van de vrijwilligers die zich met het wel en wee van hun buurt bezig houden. Juist daarom vinden wij, en het college ook, dat 2012 vooral een proefjaar moet zijn. Men moet de ruimte en gelegenheid krijgen om te experimenteren met het verzamelen van ideeën en een manier vinden hoe draagvlak gezocht en gecreëerd kan worden.
Aan de andere kant vraagt het ook wat anders van ons raadsleden. Het CDA vindt dat we wijkraden de ruimte moeten geven om een draai te vinden. Het is nu echt niet meer aan de politiek om te bepalen wat er met het geld gebeurd. We hebben de kaders vast gesteld en moeten nu ook durven om wat afstand te nemen. We hebben in de stadsdeelcommissie vergaderingen ruimte om met wijken en buurten in gesprek te gaan als zij dat op prijs stellen. En natuurlijk moeten we klaar staan als raden of commissies in de knel komen. Ik heb er wel vertrouwen in en ben benieuwd met welke initiatieven verschillende wijken gaan komen.
Jeugd in Zuid komt er bekaaid van af
Tijdens de afgelopen raadsvergadering over de programmabegroting lag er ook een motie ingediend door CU en medeondertekend door het CDA, die het college opriep om Platform Aram te ondersteunen om een jeugdhonk te realiseren in Enschede Zuid. De aanzet werd door de vereniging zelf gegeven tijdens de motiemarkt. In de motie werd niet gevraagd om direct geld te investeren, maar om de vereniging hierbij te helpen. Nadat de JOP in de Helmerhoek niet doorging en wijkcentra steeds minder open zijn voor de jeugd, is het een gouden kans als een partij in de wijk haar ruimte aanbiedt voor specifieke activiteiten voor de jeugd.
Na €50.000 voor de millitary beschikbaar gesteld te hebben dacht ik dat deze motie het ook zou halen. De realiteit is anders. Met name de opstelling van de VVD en GroenLinks verbaasde mij. Waar de liberale partij bij monde van de woordvoerder in Zuid zich zeer ontevreden uitte over het niet doorgaan van de JOP en meerdere malen aangaf dat ook voor de gewone jeugd (lees: niet probleem jeugd) meer gedaan moet worden in de Zuidwijken, gaf de VVD een ander signaal af door tegen de motie te stemmen. GroenLinks stelde dat eerst maar een bredere visie over de Zuidwijken ontwikkeld moet worden en dat naar meerdere opties gekeken moet worden. Ook deze partij heeft een woordvoerder in Zuid die zou moeten weten dat jeugdwerkers en jeugdagenten hun handen vol hebben en dat jongeren echt behoefte hebben aan plekken om zich nuttig op te houden. Hoeveel visie is er nodig?
De wethouder stelde zich in positieve zin open voor het idee van een jeugdhonk in Zuid. Hopelijk kunnen we in de stadsdeelcommissie Zuid hier met zijn allen nogmaals naar kijken. Wel praten over de jeugd en roepen dat er meer moet gebeuren, maar niet naar partners in de wijk luisteren en niet handelen om tot oplossingen te komen. Dat is niet hoe het CDA in Enschede te werk gaat.
Deze bijdrage staat ook in de CDActief, de nieuwsbrief van het CDA Enschede. Ontvang je deze niet? stuur dan een mail naar cda@enschede.nl. Surf ook naar www.cda.nl/enschede voor meer nieuws en achtergronden van het CDA Enschede.
Voetbal slecht voor de integratie?
Volgens de PvdA zijn er te veel voetbalclubs in Enschede en zijn de naamsverandering van Mediterraneo naar FC Suryoye – Mediterraneo en de oprichting van FC Aramea geen goede ontwikkelingen. Vorig jaar nog heeft er een discussie plaats gevonden over het aantal voetbalverenigingen in Enschede in de stedelijke commissie. De wethouder (ook PvdA’er) gaf aan dat Enschede ruim boven de KNVB norm scoort ( wat neer zou komen op 10 a 11 verenigingen) maar dat dit niet direct tot problemen hoeft te leiden. Voetbal is eenmaal een populaire sport in Enschede en omliggende dorpen. Het PvdA commissielid had hier, net als bijna alle anderen, niets tegen in te brengen. Opmerkelijk is het dan dat de PvdA uitspraken doet over het aantal verenigingen in Enschede op het moment dat twee verenigingen met een Syrisch- Aramese signatuur het daglicht zien. In Nederland is de vrijheid van vereniging verankerd in de grondwet. Een vereniging is een verzameling mensen die zich organiseren rondom bepaalde, gedeelde, normen en waarden. Zolang een vereniging niet in strijd met de wet handelt is zij behoorlijk vrij in laten en doen.
Ik weet niet meer hoeveel verder ik, mijn leeftijdsgenoten en zij die jonger zijn nog verder moeten integreren. Überhaupt vraag ik mij af of ik heb móeten integreren aangezien ik in Enschede geboren, opgegroeid, geschoold en maatschappelijk actief ben. Integreren doe je als je van buiten een groep komt en door bepaalde aanpassingen kunt samenwerken met leden uit die groep. Maar als je naar de groep Suryoye in Enschede kijkt dan lijken zij dit over het algemeen toch behoorlijk of zelfs heel goed te doen, dit is zelfs door bestuurders van deze stad meerdere malen geuit. Uiteraard zijn er wel eens problemen maar waar zijn deze niet. Zijn er geen problemen in wijken waar weinig niet Nederlanders wonen? Waarom zou een gemeenschap niet gewoon problemen kunnen hebben zonder deze gelijk op integratie te betrekken? Daarbij neem ik nog steeds aan dat actieve sportbeoefening altijd positief is en niet in een keer een probleem is als het label blijkbaar verkeerd valt.
Ik ben het eens met mensen die stellen dat het beter is voor taal en sociale ontwikkeling om in meer gemengde groepen te sporten en te participeren. Maar dit is lastig aangezien een bestaande club vaak ook een eigen cultuur (waarden en normen) kent en waarbij het niet altijd makkelijk is om je aan te passen. Een jongen uit Pathmos zal waarschijnlijk makkelijker zijn draai bij UDI dan bij bijvoorbeeld Sparta vinden. Aan de andere kant zijn ook positieve ontwikkelingen bij de FC Suryoye en FC Aramea te zien. In de logo’s en volledige clubnamen hebben zij ‘Enschede’ staan. Bij beide spelen meiden en dames in teamverband, dit is tot nog toe bij verschillende andere clubs niet gelukt. Bij beide is de voertaal Nederlands omdat leden niet één enkele maar verschillende achtergronden hebben. Vrijwilligers die het Nederlands niet goed machtig zijn kunnen toch geactiveerd worden omdat de omgeving van de club hen wat meer bescherming geeft. Bovendien speel je toch al gauw 20 wedstrijden in het seizoen tegen andere clubs met elk een andere achtergrond en geschiedenis. Sport blijft verbroederen.
De reactie van de PvdA had ik niet verwacht. Als die uit de PVV hoek gekomen zou zijn had me dat veel minder bevreemd. Natuurlijk hebben beide clubs een verantwoordelijkheid op het gebied van het stimuleren van goed burgerschap van hun leden. Maar de clubs moeten wel die kans krijgen en niet gelijk met wantrouwen worden bejegend. Het lijkt er haast op dat als je niet etnisch Nederlands bent je de schijn al tegen je hebt. Ondanks dat je maar één nationaliteit hebt welke de Nederlandse is, het Nederlands als hoofdtaal spreekt en je gewoon naar school gaat of werkt. Wat is er dan op tegen dat je bij een club wil spelen waar je nog een stukje van je eigen cultuur en trots kunt delen en dat onderdeel laat zijn van je identiteit?
In de katern Spectrum van de Twentse Courant Tubantia stond een opmerkelijk artikel getiteld ‘Vechten tegen vooroordelen’. Hierin stelde de nieuwe voorzitter van de Assyrisch Democratische Organisatie (ADO) zich voor. Pontificaal prijkt een foto van hem in de St Kuriakos Kerk in Enschede in het middenvlak. Opmerkelijk omdat de kerk bij monde van het bestuur altijd gezegd heeft “geen partij te kiezen.” Opmerkelijk ook omdat de heer Mirza toch een aantal opvallende uitspraken doet. Het Assyrianisme is voor mij een nationalistische stroming die met de ADO een spreekbuis heeft. Meerdere malen heeft deze organisatie en de mensen die de stroming aanhangen de Syrisch Orthodoxe Kerk gebruikt als vehikel om denkbeelden te verspreiden en kracht bij te zetten. Hoe zit dat nou met onze kerk en organisaties als deze die een duidelijke nationalistische ideologie er op na houden welke door een kleine minderheid aangehangen wordt?
Om terug te komen op het artikel en de uitspraken van de heer Mirza. Hij stelt daarin “Assyriers denken niet over teruggaan naar hun vaderland […] Turkije is geen thuisland meer […] en in Syrie is geen democratie. Daarom is Nederland hun toekomst.” Met de uitspraak zelf is niet veel verkeerd lijkt het, maar hij strookt totaal niet met eerdere uitingen van de ADO en aan haar gelieerde organisaties. In November 2010 bieden meerdere Assyrische organisaties én de Syrisch Orthodoxe Kerk Nederland (namen van personen ontbreken, slechts de organisaties worden genoemd) een petitie aan meerdere Tweede Kamerleden aan waarin staat:
“De petitie […]roept de Irakese regering op haar politieke en juridische verantwoordelijkheid op zich te nemen. Dit houdt onder andere in:
- dat ze samen met de Assyrisch/Suryoyo/Chaldeeuwse gemeenschap, binnen de kader van de internationale en Irakese wetgeving, werkt aan de oprichting van een autonome regio in de Nineve-vlakte.” (bron: http://www.georgehanna.nl/?p=780)
Nu is de Nineve vlakte gesitueerd in Irak, maar dit wordt door de heer Mirza niet als thuisland genoemd. Of het moet zijn dat hij en de ADO de groepen uit Turkije en Syrie enerzijds en Irak anderzijds als twee aparte entiteiten zien of een draai van 180 graden is gemaakt en de Nineve-vlakte wordt opgegeven. De term Assyrisch/ Suryoyo/ Chaldeeuws welke ook door de TV zender SuroyoTV veel gebezigd wordt is een excuus geworden om alles wat met Assyrisch – nationalistische politiek te maken heeft te mengen met religieuze zaken en de Syrisch Orthodoxe kerk in het bijzonder. Logisch ook dat de heer Mirza de taal in het artikel ‘Suryoye’ noemt en niet Aramees. Ik zie graag organisaties die zich inzetten voor integratie en samenhang in de Nederlandse maatschappij, maar hier zit nog veel meer achter wat door Tubantia helaas gemist is.
De ADO doet lijken alsof zij 20.000 leden van de Syrisch Orthodoxe gemeenschap in Nederland vertegenwoordigd. Het zou mij bevreemden als zelfs 1% van deze mensen lid is en de organisatie ondersteunt. Maar door de kerk te gebruiken hebben zij een veel groter platform en ontlenen zij wel legitimiteit. De St Kuriakos Kerk speelt in het bijzonder een zeer dubieuze rol omdat deze onder geen enkel beding activiteiten van Platform Aram steunde onder het mom van onpartijdigheid maar wel telkens Assyrische organisaties de gelegenheid geeft om er te spreken. Kijk anders zelf ook eens naar het veelvoud aan organisaties die vaak op dezelfde adressen geregistreerd staan die zijn opgericht en dienen als medeondertekenaars van meerdere petities aan de politiek, overheid en media. Hoe groot zal de ‘Nineve vereniging Vriezenveen’ zijn als deze in Enschede gehuisvest is?
Zowel ADO als de kerk moeten nu eens open kaart spelen. Waar staan zij werkelijk voor en welke richting gaan zij op?
Wordt de JOP top of flop?
Veel omwonenden van het Helmerhoek park ( achter de Averbeke) vrezen het ergste en menen dat de jongerenontmoetingsplek (JOP) net als 13 jaar geleden een flop zal worden. Daarbij vrezen zij dat het karakter van het park schade zal oplopen en dat de overlast in dit gebied zal toenemen. Ook verwijten zij de gemeente niet de juiste procedures gevolgd te hebben. Wat dat laatste betreft zal de commissie bezwaar en beroep een uitspraak moeten doen. Ten aanzien van de invulling van de JOP had de jeugd bij monde van een woordvoerder een heel andere stelling.
Onder begeleiding van een kunstenaar en Alifa jongerenwerk heeft een grote groep samengewerkt aan het ontwerp en het indienen van een aanvraag. Ze willen een convenant met de buurt afsluiten waarin spel en gedragsregels staan. Er is o.a. afgesproken dat de JOP weggehaald zal worden als de regels niet nageleefd worden. Ook is er overleg gevoerd met de wijkraad .Dit is al een groot winstpunt. Jongeren zetten zich in om zichzelf en de buurt te verbeteren en de JOP speelt daarbij een grote rol. Ook stadsdeelmanagement en politiek staan hier positief tegenover bleek tijdens de bespreking in de stadsdeelcommissie. Dit neemt niet weg dat de bezwaren van omwonenden niet serieus moeten worden genomen. Op mijn suggestie om gezamenlijk aan de beheersbaarheid van de JOP te werken reageerde de wethouder positief. Er zullen de komende maanden nog gesprekken met alle betrokkenen plaats vinden.
Wat mij opviel tijdens de bespreking was de felle houding van enkele wijkbewoners jegens de aanwezige groep jongeren en de cynische reacties die dat weer uitlokte. De partijen leken lijnrecht tegenover elkaar te staan. Er is veel overlast geweest en er wordt wel eens rommel gemaakt of rottigheid uitgehaald in de wijk. Maar de omvang en ernst daarvan zijn de laatste jaren al stukken minder geworden. Ik verwacht niet dat de storm overgewaaid is, maar het feit dat omwonenden en de groep jongeren van de Helmer elkaar nu in een ruimte troffen, hun frustraties uitspraken en naderhand in gesprek gingen met elkaar is een lichtpunt. ‘Kennen en gekend worden’, zei een van de jongerenwerkers. Hopelijk zullen ze elkaar de komende tijd meer opzoeken om te werken aan oplossingen en kan de rol van de gemeente bescheiden blijven. De JOP zoals die nu ontwikkeld is verdient de kans om top te worden.
Zie ook: http://www.tctubantia.nl/regio/enschede-haaksbergen/8873703/Hangplek-jongeren-Helmerhoek-komt-er-hoe-dan-ook.ece
Inleiding in dit deel van mijn blog
de Universiteit Twente. Al tijdens het eerste college prijkte op het bord: “Geld is macht, en macht is het allermooiste wat er is.” Macht is verslavend want het geeft controle over de omgeving. En geld is een hele snelle weg daar naar toe. Geld geeft de mogelijkheid om zaken te kopen die we begeren: auto’s, sieraden, kleding, huizen, vakantie’s etc. Waarmee geld voor mij gelijk staat aan al het materialistische. Nu is de vraag of het doen uitkomen van deze begeertes, of wel verwachtingen, werkelijk gelukkig maakt. Want wanneer is de verwachting uitgekomen? Hoeveel geld is er nodig om de verwachting uit te laten komen? Want als ik mooie auto’s zou willen dan zal ik van een Ferrari F355 misschien wel gelukkig worden, maar als ik die auto kan veroorloven, waarom dan ook geen Lamborghini Murcielago, of een Spyker C8? Als ik een groot huis kan kopen dan zal ik altijd wel ergens een groter huis zien of nog meer ruimte willen voor een zwembad of iets dergelijks. Het laten uitkomen van de verwachting van ‘veel geld’ geeft alleen ‘geluk’ wanneer we het uitgeven aan luxe-goederen en het kunnen showen. Alleen Dagobert Duck ziet er gelukkig uit wanneer hij er in kan zwemmen.