Noodlijdende voetbalverenigingen
In de Twentse Courant Tubantia van 27 mei jl. wordt in het artikel “Klein Duimpje tussen de reuzen” over kleine voetbalclubs in Enschede de suggestie gewekt dat enkelen daarvan in de problemen zijn en het voortbestaan in gevaar komt. Ook stelt het artikel dat er te veel voetbalclubs in Enschede zijn. De gemeente stelt in de sportnota dat sport en verenigingen in het bijzonder bijdragen aan het “bevorderen van een gezondere leefstijl, vorming, sociale binding, economie en leefbaarheid” en geeft ook aan dat de grootte/ omvang van het aantal leden niet bepalend is voor ondersteuning die zij vanuit de gemeente ontvangen. Daarom heb ik de volgende vragen aan de wethouder Wallinga van sport gesteld:
1. Bent u van mening dat Enschede te veel voetbalclubs heeft?
2. Is het bij u bekend welke voetbalclubs acute problemen hebben of mogelijk in de problemen raken in de nabije toekomst?
3. Zijn deze verenigingen in staat om vitaal te worden of hebben ze daar ondersteuning voor nodig van het SportServiceTeam, en zo ja wordt deze steun op tijd geboden?
De antwoorden:
1. Nee, er zijn 27 voetbalverenigingen waarvan 21 een jeugdafdeling hebben. Het college erkent een hoge verenigingsdichtheid maar benadrukt dat iedereen het recht heeft zich te verenigen.
2. Er is een voetbalvereniging waarvan bekend is dat deze problemen heeft. De federatie van voetbalverenigingen en de KNVB houden ook een vinger aan de pols.
3. De vitale sportvereniging is een specifiek soort vereniging die zich breed inzet in de wijk. Voor bijdragen aan o.a. werkgelegenheid en leefbaarheid in de wijk kunnen ze extra beloond worden. Het SportServiceTeam kan hen adviseren, maar houdt zich niet direct bezig met noodlijdende verenigingen.
In beschouwing:
We zijn een sportgemeente waar aandacht is voor de maatschappelijke functie van verenigingen in wijken. Daarbij maakt de omvang van de vereniging inderdaad niets uit. We houden ontwikkelingen uiteraard in de gaten en zijn vooral benieuwd hoe de vitalisering van verenigingen zich gaat ontvouwen. Het kan uiteraard niet zo zijn dat de gemeente geld bij moet leggen als een vereniging in financiele nood komt. Maar als we proactief beleid voeren, zowel gemeente als verenigingen, dan hoeft het ook niet zo ver te komen.
Trackbacks & Pingbacks